| Chirurgie |
|
Chirurgie is tot op heden de enige therapie die een kans op genezing biedt voor de meeste kwaadaardige levertumoren. Om in aanmerking te komen voor chirurgie, moet de patiënt in een goede klinische conditie verkeren. Tevens moet na de operatie minimaal 30% normaal functionerend leverweefsel overblijven. Indien het niet mogelijk is een bepaalde tumor te opereren, omdat de hoeveelheid resterend normaal leverweefsel onvoldoende is, kan Vena Portae Embolisatie toegepast worden. De vena portae (poortader) is de ader die de darmen met de lever verbindt. Bij Vena Portae embolisatie wordt een deel van de doorbloeding van de lever tegengehouden. Het gevolg hiervan is dat het deel van de lever dat nog wel wordt doorbloed, harder moet gaan werken om het deel van het werk dat het andere deel van de lever deed, over te nemen. Dit heeft tot gevolg dat dit stukje lever, dat harder is gaan werken, begint te groeien (hypertrofie).Het doel van deze behandeling is dat dit gedeelte van de lever zo groot wordt, dat nu, na een operatie, wel voldoende functioneel leverweefsel overblijft. Een operatie kan dan dus wel plaatsvinden. Vena Portae embolisatie vindt plaats door de vena portae van buitenaf (percutaan) aan te prikken. Deze wordt vervolgens geëmboliseerd. Dit kan met verschillende materialen gebeuren. Het is ook mogelijk om via een (kijk)operatie een van de twee takken door te nemen. Na ongeveer vier tot zes weken wordt een CT scan gemaakt om te beoordelen of het effect voldoende is om de geplande operatie door te laten gaan. De embolisatie van de poortader wordt uitgevoerd door de radioloog. Er zijn verschillende operaties mogelijk, zoals het verwijderen van één leverhelft of een kleiner gedeelte van de lever, een segment. Op basis van de manier waarop de lever wordt doorbloed, wordt de lever onderverdeeld in acht segmenten (zie Anatomie). Deze segmentele anatomie wordt ook gebruikt bij de operatie. Door toegenomen inzicht in de anatomie van de lever, betere pre-operatieve diagnostiek, nieuwere en betere operatietechnieken en verbetering van de zorg rondom een operatie, is de sterftekans tijdens een operatie gedaald tot onder de 5%. De kans op complicaties rondom de operatie en tijdens de opname is momenteel rond de 25%. De meest voorkomende complicaties zijn bloedingen, gallekage, infecties en tekortschieten van de leverfunctie. Helaas is chirurgie niet voor iedereen mogelijk, omdat de lokalisatie van de tumor of het aantal tumoren dat niet toelaat of omdat er uitzaaiingen worden gevonden buiten de lever. In dat geval zijn er nog andere therapeutische mogelijkheden, zoals lasertherapie (LITT), radiofrequente ablatie (RFA), alcohol injectie (PEI) of chemotherapie. |
| Laatst bijgewerkt op woensdag, 25 november 2009 16:35 |
Wij voldoen aan de HONcode, die staat voor betrouwbare informatie over gezondheid:
Controleer hier.